N-VA hekelt beperkt hitteplan Mechelen, maar noodplanambtenaar pareert kritiek
Het kwik stijgt, de discussie eveneens. Terwijl Mechelen kreunt onder de hitte en bewoners koelte zoeken aan het Keerdok of in de schaduw van een stadspark, ontbrandt in de gemeenteraad een stevig debat over de vraag of de stad haar inwoners wel voldoende beschermt tegen de extreme temperaturen. Oppositieraadslid Katleen Den Roover van N-VA trekt aan de alarmbel, maar de stedelijke noodplanningscoördinator laat de kritiek niet zomaar passeren.
N-VA: huidige aanpak schiet tekort
Katleen Den Roover is duidelijk in haar boodschap: het hitteplan dat Stad Mechelen hanteert, is in haar ogen te mager om de bevolking echt te beschermen. Het bestaande plan voorziet weliswaar in drinkwaterpunten op strategische locaties, zwemzones en het aanduiden van parken en kerken als koelteplekken, maar voor Den Roover is dat onvoldoende. "Geen enkel parkje biedt werkelijk verkoeling bij deze hitte", stelt het raadslid. "En eens je uit het zwemwater bent, is het opnieuw een kwestie van doorzweten." Haar punt is duidelijk: passieve maatregelen volstaan niet als de temperaturen werkelijk extreme pieken bereiken.
Den Roover pleit daarom voor een meer georganiseerde en actieve aanpak, waarbij gekoelde ruimtes verspreid over de hele stad toegankelijk worden gemaakt voor wie het thuis niet meer uithoudt. Ze erkent dat kerken daarbij een rol kunnen spelen, maar wil het net veel breder uitwerpen. Dorpshuizen, lokale dienstencentra en andere geschikte gebouwen zouden volgens haar gescreend moeten worden op hun potentieel als koelteplek. Bovendien benadrukt ze dat dit niet iets is dat maanden voorbereiding vergt, maar dat er op korte termijn stappen kunnen worden gezet. Voor N-VA is dit een kwestie van politieke wil en prioriteiten stellen voor de meest kwetsbare Mechelaars, zoals ouderen, mensen met een chronische aandoening en gezinnen zonder airconditiong.
Noodplanambtenaar Vermeeren pareert de kritiek
De reactie vanuit het stedelijke apparaat laat niet lang op zich wachten. Schepen van Welzijn Sabe De Graef van Vooruit verwees voor een uitgebreid antwoord door naar Steven Vermeeren, de noodplanningscoördinator van de stad. En die is weinig gecharmeerd door de opmerkingen van Den Roover. Vermeeren wijst erop dat het Mechelse hitteplan helemaal niet uit de lucht is gevallen, maar integendeel recent nog positief werd geëvalueerd tijdens een grote oefening waaraan ook de departementen Volksgezondheid en Zorg en de Gezondheidsinspectie deelnamen. Dat zijn geen lichte partners, en hun goedkeuring is geen sinecure.
"Stellen dat het hitteplan te zwak is, is een kaakslag voor de mensen die hier het hele jaar door aan werken", zegt Vermeeren zonder omwegen. Hij onderstreept dat de huidige koelteplekken, in de eerste plaats de Mechelse kerken, op dit moment actief zijn en ruimschoots beantwoorden aan de noden van de bevolking. Vanuit het terrein, zo benadrukt hij, komen er geen signalen dat er tekorten zijn aan opvangcapaciteit of koele ruimtes. Toch neemt Vermeeren de situatie allerminst licht op. Sinds de stad de alarmfase afkondigde, vervult hij een coördinerende rol waarbij hij nauw samenwerkt met thuiszorgdiensten, huisartsenkringen en het AZ Sint-Maarten. Dat netwerk moet ervoor zorgen dat kwetsbare mensen tijdig worden bereikt en geholpen.
Opvallend is zijn nuance over de ziekenhuissituatie. Vermeeren bevestigt dat het AZ Sint-Maarten een toename van het aantal opnames registreert, wat normaal is bij langdurige hittegolven. Toch spreekt hij van een situatie die, enigszins tegen zijn eigen verwachting in, niet problematisch is geworden. "Mocht dat nodig zijn, dan staan we klaar om op te schalen", verzekert hij. Die garantie is voor de stad niet onbelangrijk als buffer voor wat de komende dagen nog kunnen brengen.
Dorpshuizen geen vanzelfsprekende koeltelocaties
Intussen reageert Vermeeren ook op het concrete voorstel van Den Roover om dorpshuizen en lokale dienstencentra in te zetten als koelteplekken. Hij brengt daarbij een praktische kanttekening aan die in het debat dreigde te worden vergeten: dergelijke gebouwen zijn lang niet altijd koele ruimtes. Zonder airconditioning of degelijke isolatie kunnen ze bij extreme hitte even ondraaglijk zijn als een gewone woning. Het screenen van die locaties is dus geen overbodige luxe, maar de uitkomst van zo'n screening kan ook teleurstellend zijn.
Voor de Mechelaars die dagelijks met de hitte te kampen hebben, is dit debat meer dan een politiek steekspel. Zeker voor wie in een kleine, slecht geïsoleerde woning leeft of voor wie niet eenvoudig de deur uit kan, zijn goede koelteplekken geen bijzaak. De komende dagen zal moeten blijken of het bestaande plan zijn waarde bewijst, of dat de kritiek van N-VA alsnog meer gewicht krijgt. Vermeeren heeft alvast duidelijk gemaakt dat zijn dienst klaarstaat om snel bij te sturen als de situatie dat vereist. De bal ligt nu ook bij de politici om dat gesprek constructief verder te voeren, in het belang van elke Mechelaar die de hitte op dit moment probeert door te komen.